Kaatjes praatjes


Geboorteproza
1 november 2009, 7:05 pm
Ingedeeld onder: tekstjuweel | Tags: , , ,

 Er waren eens een eitje en een zaadje… En de gevolgen ja, die raad je…

Geboortegedichtjes zijn met afstand de treurigste stroming in de gedichtenbusiness. Google maar eens op geboortegedichtjes en we delen een standpunt. Je hebt van die teksten waarmee de ouders aan willen geven dat het maken van het kind tot nu toe het leukst was. Dan heb je gedichtjes die zo mierzoet zijn dat als je ze hardop uitspreekt het glazuur van je tanden vliegt. Er is een rijmelarijsoort (Ons kleine schoppertje speelt niet langer verstoppertje) en je hebt fanmail: teksten van Queen, Metallica en Robert Long. Je hebt ook gedichtjes die per defintie niet waar zijn: Met z’n drieën is het nóg leuker. Dat is gewoon gelogen, uit eten gaan bijvoorbeeld is met z’n tweeën echt leuker. Je hebt teksten die van de baby himself afkomstig zijn. Met een religieuze inhoud in de categorieën rijmelarij en zeer gezocht : een beetje een verplicht nummer, maar net zo zoetig als de rest. Bijbelteksten moeten kunnen, maar dan moeten ze wel relevant zijn en niet zo gezocht omdat er bij kind 8 geen goeie teksten meer over bleven. Want wat is anders de functie? En dan: ben je blij, heel erg blij, ongelooflijk blij, superblij, bijzonder blij, blij en dankbaar, trots…?

KP en ik zijn weer in een ontwerpstadium beland. We doen ons best om kindje D the second een nette geboorteaankondiging te bezorgen. Maar wat zet je dan op zo’n kaart? Want uiteindelijk willen we wel op een kaartje zetten wat we ook echt menen, maar je hebt maar een beperkte hoeveelheid tekst. En hoe zoek je in vredesnaam een kaart uit het enorme aanbod?

Er mogen van KP geen dieren op staan want we verwachten geen dier. Niet van die hippe ontwerpen want dat heeft volgens KP weer te weinig met geboorte te maken. Geen foto’s van wildvreemde baby’s of onderdelen (voetjes, handjes, oogjes) van wildvreemde baby’s (Anne Geddes) want dat is wel erg onpersoonlijk. Alsof we ons eigen kind niet mooi genoeg vonden voor een foto. Geen kaartjes waar we zelf een foto voor moeten aanleveren, want dat zijn van die projecten die bij ons niet van de grond komen. Geen strikjes of andere extra´s die door vrijwilligers nog uren aan de kaartjes worden gezet en waar je nog jaren de verhalen van moet aanhoren. Met subtiele hints zodat je je realiseert dat het achteraf toch niet zo vrijwillig gebeurde.

Voor Hollandse ontwerpen met tegeltjes en delftsblauwe dingetjes moet je minimaal een Suus, Pien, Bink of Boet op de wereld zetten. Dat zijn we niet van plan. En voor knalkleuren vind ik Jayden, Keanu en Maddox passender, maar met zulke namen en zo’n kaartje heb ik nu al visioenen die alleen door Ritalin kunnen worden onderdrukt.

Namen zijn sowieso ook nog een drempel die we moeten nemen. We zijn er nog niet uit. Uit betrouwbare en zeer deskundige bron vernam ik dat kinderen met adhd relatief vaak Jeffrey, Kevin, Melvin, Sharon, Shirley en Samantha heten. Dus die namen vallen af, dat is makkelijk. Maar zonder die kennis hadden we ook niks in die trant gekozen. Verder vind ik het belangrijk dat het kind voor z´n tiende z´n naam kan spellen en ook begrijpt waarom het zo geschreven wordt. Dus wordt het geen Shaneequa, Rasheanno of Giovanya. En het kind moet ook serieus genomen worden als het dertig is, dus geen Nikki, Fleurtje, Jimmy of Lizzie. Geen grappen met de achternaam (Dirkje of Derk) en niet een naam waarmee de gemiddelde kleuterklas van het cohort 2014/2015 er een stuk of drie van zal hebben rondlopen. En we proberen te voorkomen dat kindje D the second gepest gaat worden of dat de naam in anderstalige gebieden anders uitgelegd wordt.

Het is nogal een verantwoordelijkheid. En ook nogal tricky om het in een blog op te schrijven. Ik heb nu al een hoop mensen beledigd. En ik kan al aardig inschatten dat er commentaar gaat komen. Op de naam, op het kaartje, op de tekst op het kaartje of op deze blog. Ik kan het hebben, want er is tegen die tijd zeer goed over nagedacht. Zeker een maand of vier.



Geen bloemen

Vandaag onderaan een rouwadvertentie: “In plaats van bloemen wordt een gift aan De Wilde Ganzen giro 40.000 op prijs gesteld.” Is dat een geval van over je eigen graf regeren, over iemand anders graf regeren of gewoon een slaatje slaan uit een sterfgeval? O, ik interpreteer het verkeerd, het is natuurlijk hartstikke nobel van die mensen dat ze De Wilde Ganzen willen steunen. Via de dood van hun moeder weliswaar, maar toch.

Bij huwelijken verdraag ik het al niet. Zo’n envelopje op de kaart waarmee het bruidspaar wil zeggen dat je niet met allemaal rommel hoeft aan te komen, want daar stellen ze geen prijs op. Ze kopen hun spullen liever zelf, dan weten ze zeker dat het naar hun smaak is. Maar met zo’n envelop in handen doe ik niets anders dan betalen voor die twee glazen bitterlemon en die twee bitterballen die ik consumeer. Inclusief een flinke fooi. Je zult mijn boekenbonnen, dinerbonnen, theaterbonnen of zorgvuldig uitgezochte cadeaus moeten slikken.

Met geboortekaartjes idem dito. Daar staan tegenwoordig ook al envelopjes op. Kersverse ouders die via een omweg aangeven dat ze liever zelf de jurkjes voor hun kinderen uitzoeken. Je zult toch eens opgescheept worden met zo’n vodje van de HEMA wat je smaak niet is. Nee, da’s treurig, terwijl kraamvisite zo’n vrolijke happening kan zijn.

Dan heb je nog verjaardagen van twintigers en dertigers waar je voor uitgenodigd wordt, en waar dan ook meteen een verlanglijst als attachment is toegevoegd. En als je dan uit nieuwsgierigheid de moeite neemt om er een blik op te werpen dan ontdek je tot je verbijstering dat het goedkoopste cadeau drie keer boven je budget ligt. Wat moet je dan? Voor je het weet help je een jarenlange vriendschap naar de knoppen.

En nu dit weer. Geldklopperij bij begrafenissen. Wat is er mis met ‘Geen bloemen’? Waarom zo’n enorme drang om jezelf als filantroop te profileren door zelfs bij de begrafenis van een familielid te vragen om geld te storten voor een of ander goed doel? Waarom moet een begrafenis nou ook weer geld kosten? Kun je tegenwoordig niet eens meer gratis afscheid van iemand nemen? Of een plak droge cake wegwerken zonder het schaamtegevoel dat je eigenlijk nog geld had moeten overmaken? Wat als je zelf een dringende behoefte hebt om de laatste eer te bewijzen door het graf een beetje op te vrolijken met een gezellig bosje rozen. Vergeet het maar.

What´s next? “Mochten er mannen zijn die mij in het geheim aanbidden dan verzoek ik hem / hen  om met Valentijnsdag geld te geven aan Stichting CliniKlaas.” Of deze kan ook erg bruikbaar zijn: “Als jullie morgen komen borrelen, neem dan niet uit gezelligheid een flesje wijn mee, maar maak wat geld over aan een arme wijnboer in Ecuador.” Voor kinderen is dit een geschikte versie: “Papa en mama, ik geloof niet meer in Sinterklaas, maar als jullie toch iets in m’n schoen willen stoppen, dan graag een jaar schoolboeken voor een leeftijdgenootje in India.” En geheel kosteloos deze variant aangezien dit dilemma zich ook al weer bijna aandient: “Prettige kerstdagen en een gelukkig nieuwjaar. Mocht je mij hetzelfde toewensen doe dat dan door financieel aan de achtergestelde herten in het westen van Finland te denken. Ze worden door edelherten als een minderheid behandeld en hebben het vooral rond kerst erg zwaar.”

Blijkbaar zijn er mensen die denken dat je (kraam)cadeaus, bloemen, flessen wijn, dozen bonbons en knuffels meeneemt omdat je teveel geld op je rekening hebt staan. Dat al die zorgvuldig voorbereide presentjes een enorm verplicht nummer zijn. Tegelijkertijd denken ze dat ze dat geld zelf wel beter weten te besteden en werken ze aan hun imago door geld aan goede doelen te vragen.

Ik werk er niet aan mee. Al lig ik er nachten wakker van wat ik voor iemand moet meenemen, ik ga niet door de knieën voor envelopjes en andere misplaatste bedelpogingen bij welke gelegenheid dan ook. Als iemand geen bloemen op z’n graf wil dan hoeft dat ook niet. Dan neem ik die niet mee. Of wacht een week en zet ze er dan alsnog op, niemand die daar last van heeft. Bij mijn weten is het Leger des Heils hartstikke blij met spiksplinternieuwe babykleertjes, die doen het als afdankertjes onwijs goed in bijstandsgezinnen. En als ik mijn geld aan een goed doel wil geven dan doe ik dat aan een doel dat ik zelf kies. Stichting Equal Education bijvoorbeeld. Mocht je deze blog zo goed vinden dat je een reactie wilt plaatsen, beheers je dan en stort geld op 5317222. Tijd is tenslotte ook geld.



Tralalalalathuis!

Nouja, dat klinkt alsof ik net thuisgekomen ben, maar inmiddels zijn er twee weken verstreken sinds de geboorte van Nathan. Mijn blogvelof zit erop. Ik zit weer op de bank en ik typ. Net als een paar weken geleden, maar nu net even anders. Wat gewicht, omvang en stemming betreft. Joehoe, het is achter de rug en er ligt een heel lief jongetje in de box naast me. In de box – shock – ben ik nu al een ontaarde moeder?

Over Nathans geboorte zal ik kort zijn. De details wil ik ook wel delen maar niet hier. Volgens Wij jonge ouders moet je veel over de bevalling vertellen om het te verwerken en hoe vaker ik het vertel, hoe beter het verhaal wordt. Slager Mark, die eigenlijk de gynaecoloog was, krijgt een steeds prominentere rol terwijl hij in werkelijkheid denk ik drie minuten in de kamer heeft gestaan. Maar hij maakt het verhaal gewoon zo goed. Eigenlijk had ik deze blog de titel Slager Mark mee willen geven, maar dat is iets te veel eer.

In elk geval besloot Nathan zijn komst tot het maximale te rekken en zo kwam het dat KP en ik op 14 april om 7 uur naar het Wilhelmina Kinderziekenhuis reden om aldaar aan een infuus te worden gelegd. Ik dan, KP zat er naast. De weeën begonnen om kwart voor tien en om 15.22 uur was ‘ie al geboren. Een flinke baby van 4340 gram, bijna negen pond dus.

Tijdens de bevalling werd het zowaar nog gezellig in de verloskamer met twee verpleegkundigen, elkaar afwisselende verloskundigen, gynaecologen, co-assistenten, agnio’s, onderzoekers, studenten, slager Mark (drie minuten gezelligheid) en weet ik veel wie allemaal. Typisch een academisch ziekenhuis, KP en ik voelden ons geen moment vergeten. Met elkaar hebben we ruim twintig verschillende mensen aan het bed gezien. Maar allemaal even leuk, en de verpleegkundigen spanden de kroon. Dat vertrouwen in witte uniformen staat dus nog recht overeind.

De brief aan de dokter bleek voor niets te zijn geschreven. De keizersnede bleek niet nodig en ik weet zeker dat ik de goede baby uit het ziekenhuis mee heb gekregen. Omdat ‘ie de mooiste en leukste baby is die ze me mee hadden kunnen geven. Heel anders dan die van de bovenburen. Hij doet al zijn dagelijkse bezigheden keurig volgens schema en af en toe heeft een huilmoment maar dat is gauw over als ‘ie geknuffeld wordt. En verder zie ik wel wat gelijkenissen, vooral met zijn vader, en heeft ‘ie heel leuke oogjes.

De afgelopen twee weken zijn echt superrelaxed geweest. De laatste iets minder dan de eerste, maar dat kwam door de kraamzus. Toen die weg was, zijn we ook onmiddellijk gestopt met beschuiten met muisjes, want voor deze vloer weer eens een stofzuiger voelt, zijn we inmiddels verhuisd (prognose oktober/november). Ik ben een huishouddrama. En dat terwijl de wasmachine elke dag draait, om gek van te worden.

Sinds de bevalling zie ik dingen in een ander perspectief.  Zo zei de verpleegkundige na afloop van de bevalling tegen me “je perste precies de goede kant op”, wat ik na wat overdenkingen toch nog steeds een rare uitspraak vind. Toen heb ik er maar wat verlegen mij geglimlacht, maar nu denk ik: “kan ik dat dan meer kanten op?” En nog zoiets: toen ik van de week weer voor het eerst in de supermarkt kwam, vielen me de gestampte muisjes naast de blauwe op. Sindsdien vraag ik me af bij welke gelegenheid je een beschuit met gestampte muisjes krijgt. Als je liever een meisje had gehad? Geen idee, raar product. 

En zo zijn er nog wel meer dingen, maar eerst ga ik iemand uit de box vissen.